De Dexia - ACW connectie

oktober 8, 2008 at 2:35 pm (Mijn gedacht)

Vandaag schetst Walter Pauli in de krant De Morgen in een opiniestuk treffend de verwevendheid van de christelijke zuil met Dexia en waarom Yves Leterme plots met J-L Dehaene op de proppen gekomen is als voorzitter van de RvB bij Dexia. 
Lees en huiver… (of iets anders)

Als Dexia zinkt, gaat het ACW mee ten onder
Het is stilaan duidelijk dat er voor de reddingsoperatie van Dexia heel wat meer middelen worden ingezet dan voor die van Fortis. Twee banken, maar zo’n verschillende behandeling. Fortis was de grootste groep, Dexia krijgt de meeste steun en alle hulp. Na de ‘koop’ van Fortis, volgde binnen de week de verkoop: Fortis Nederland aan Wouter Bos, de romp van Fortis aan het Franse BNP Paribas. De Fortisholding is een kale schelp met alleen verzekeringen en een hoop ’slechte papieren’. En het geld dat de hele operatie opbracht, diende voor het project dat voor de regeringen van Yves Leterme en Kris Peeters echt primeert: Dexia drijvende houden.

Dat Dexia meer politieke aandacht vergt, is logisch. Dexia is de bank van de gemeenten. Zo wettigden The Financial Times en andere zakenkranten vorige week ook de buitengewone aandacht die ze schonken aan de reddingsoperatie van Dexia: “De grootste Europese kredietverstrekker aan lokale besturen.” Maar er is nog een ander argument, dat zeker voor de christendemocraten meespeelt. Een van de zogenaamde referentieaandeelhouders in Dexia is Arcofin. Zeg maar: het ACW. De christelijke zuil.

Om bestwil
Toen hij vorige week op missie was in Japan, beargumenteerde Kris Peeters de aanzienlijke Vlaamse inbreng in het Dexiakapitaal woordelijk als volgt: “Vlaamse spaarders mogen niet de dupe worden van de financiële crisis.” Dat was verwonderlijk, want een dag eerder had de Vlaamse regering geen intentie getoond om bij te springen bij Fortis, en die bank groepeert veel Vlaamse spaarders en aandeelhouders. Maar Dexia is dus anders. Bijzonderder, nabijer. Meer van ons. Christendemocratischer.

De totale Arcogroep beschikt over een eigen vermogen van ongeveer 4,5 miljard euro (cijfer 2005). Een deel ervan is verankerd in Dexia. Met een dikke 17 procent van het kapitaal in Dexia is Groep Arco een zogenaamde referentieaandeelhouder. Grof gerekend: tot voor de beursklap was Dexia ongeveer 20 miljard euro waard. 17 procent daarvan betekende al snel 3,4 miljard euro.

Als Dexia kapseist, zinkt Arco dus mee. En bijgevolg het ACW. Dan verzuipt de christelijke zuil. Het is het pijnlijke eindpunt van een ontwikkeling die de ACW-top altijd heeft verkocht aan zijn eigen basis als ‘om bestwil’. Want vanaf de jaren negentig is het ACW in snel tempo ‘verzakelijkt’. Er werden nogal wat organisaties afgestoten, of beter: verkocht.

Hoezeer de christelijke arbeidersbeweging zich het voorbije decennium met handen en voeten heeft laten knevelen aan het bancaire systeem, werd in 2005 nog loepzuiver uit de doeken gedaan in het helaas ondergewaardeerde boek De uitverkoop van het ACW. Een verhaal van geld en idealen. De auteur is Didier Verbruggen, vandaag directeur van IPIS en een bekende naam in de ngo-wereld. Hij bracht (en brengt) ook de exploitatie van de grondstoffen in Katanga in kaart, nadat hij zich had gespecialiseerd in de financiering van de christelijke zuil. Hij trof er quasi-Congolese toestanden aan.

Dat strookt natuurlijk niet met het beeld dat de ACW-top zo graag van zichzelf ophangt. Het ACW is professioneel, houdt het perfecte evenwicht tussen een gezonde zin voor correcte cijfers en een christelijk-sociaal ideaal. Dat horen ze in Areopolis, zo heet het ACW-hoofdkwartier in Schaarbeek, zo graag over zichzelf zeggen.

Koekoeksjong
Verbruggens boek, een doorwrochte studie eigenlijk, heeft dat beeld doorgeprikt. Drie jaar voor de actuele kredietcrisis losbarstte, wees hij er al op dat de sociale beweging zich had laten uitverkopen aan gehaaide zakenlui. Die aasden natuurlijk niet op de vakbond, de ziekenkas of de gehandicaptenclub. Wel op de takken van de beweging waarmee schoon geld te verdienen viel, al was het maar omdat het ACW-publiek voor een zeker marktaandeel stond. Reisbureau Ultra Montes, bijvoorbeeld, gespecialiseerd in sociale reizen. Ultra Montes werd via een paar tussenstationnetjes verpatst aan de Duitse gigant TUI.

Bekender is het lot van Het Volk, de armlastige vakbondskrant die opging in VUM/Corelio om vervolgens gewoon opgedoekt te worden. Werd de christelijke arbeidersbeweging inhoudelijk sterker door die uitverkoop? Zorgde zij voor een betere dienstverlening voor haar leden? In het geheel niet: Het Volk en Ultra Montes verdwenen en er kwam niets voor in de plaats, behalve geld. De reden ervoor was dat ’sociale dienstverlening’ of ‘maatschappelijke impact’ niet in balansen terug te vinden zijn, cashopbrengsten van een verkoop wel. Dat is de logica van de bankiers. Het leidde tot de koekoeksjongpositie van Groep Arco, de zakelijke poot van de beweging, en dochters als Arcofin en Arcopar.

Via allerlei tussenstapjes werden de BAC, later Bacob, en de Volksverzekering eerst ondergebracht bij Artesia. Vervolgens werd de hele zwik ondergebracht bij Dexia. Vandaar ook dat zoveel ACW-topmannen in de beheerraden zetelen van ofwel Dexiabank ofwel Dexiaholding. Men kwam en komt er ACW-voorzitter Jan Renders tegen, zijn voorganger Theo Rombouts, CM-voorzitter Marc Justaert, ex-ACV’er en kortstondig minister Josly Piette, ex-MOC-bons François Martou, naast toplui van Arco zoals Francine Swiggers en Rik Branson. Dat is geen toeval, maar bittere noodzaak: het ACW parkeerde zijn geld bij Dexia.

Vertrouwen herstellen
En het noteren waard: Artesia was al een huwelijk tussen een aantal ACW-dochters en Paribas. Juist: dezelfde bank die van Leterme zowel Fortis België mocht opkopen als met Mariani ook de nieuwe CEO van Dexia mag leveren.

Ook dat is geen toeval. Paribas was en is een financiële instelling waarvan de leidende figuren doorgaans een christendemocratische stamboom hebben. De geschiedenis van Paribas in België kan niet geschreven worden zonder in te zoomen op een paar figuren die altijd een brugfunctie vervuld hebben tussen de bank en de christelijke zuil.

Neem Fernand Nédée: oud-kabinetschef van Théo Lefèvre en Gaston Eyskens, voorzitter van Ibel (de holding van André Leysen), voorzitter van de UFSIA/UIA, een van de stichters van de VUM en in de jaren zeventig vooral de sterke man van Paribas en Copeba, de holding boven Paribas. Of later Maurits Wollecamp, de man die tot in de jaren negentig van Paribas een uitzonderlijk gezonde bank maakte en tegelijk zetelde in de bestuursorganen van de KU Leuven/KULAK. Het was dus niet ongewoon dat in de late jaren negentig Bacob, via Paribas, voor schoon geld opging in Dexia.

Met andere woorden: als Jean-Luc Dehaene nu ineens topman wordt van Dexia, dan is dat natuurlijk niet om het ACW te plezieren. Dehaene dient om het vertrouwen tout court te herstellen. Maar het ACW zal wel geplezierd zijn met een ‘zoon van het huis’ in die vertrouwenspositie.
Want de inzet is hoog. Als Dexia iets noodlottigs overkomt, dan is de seismografische schok die Vlaanderen treft zelfs op geen richterschaal te meten. Dan davert niet alleen de bankwereld, maar het hele landelijke middenveld. Dan komt het water het ACW tot aan de lippen, en dus ook het ACV, de CM, KAV, KWB, KBG, KAJ en Familiehulp. Er zijn er in de christelijke zuil die bidden dat Dexia niets fataals overkomt.

Als Dexia iets noodlottigs overkomt, dan davert niet alleen de bankwereld, maar het hele landelijke middenveld. (bron De Morgen)

Permalink Geen Reacties

Eerbetoon aan een groot vakbondsman

september 23, 2008 at 3:05 pm (Mijn gedacht)

Het ABVV verliest vandaag een oud voorzitter, maar bovenal een consequent en standvastig vakbondsmilitant die op 90 jarige leeftijd nog steeds een voorbeeld en inspiratiebron was, ook voor jonge syndicalisten.
Georges Debunne werd geboren in Hofstade op 2 mei 1918 uit een West-Vlaamse familie. Zijn grootvader August Debunne was de eerste verkozen socialist in Vlaanderen uit mijn thuisstad Menen. In november 1918 keert de familie terug naar Menen waar Georges lager en secundair onderwijs volgde. Hij ging vervolgens naar Karel Buls in Brussel waar hij in 1937 zijn diploma als onderwijzer behaalde. Georges, geconfronteerd met de opkomst van het rexisme en het opkomend nazisme, staat meteen mee op de barricaden voor de verdediging van de democratie.

In ’38 onderwijst hij in Halle, maar maakt zoals veel jongeren verschillende fases van de mobilisatie mee en de 18 daagse veldtocht.
Eind juni ’40 keert hij terug als onderwijzer maar komt al snel in aanvaring met de Commissie Grammens. Na verschillende interims in Leuven, Zelzate en Aalst ondervindt hij steeds meer moeilijkheden om aan opeising te ontsnappen. Hij vervoegt dan de ravitailleringdienst en wordt er syndicaal afgevaardigde in de clandestiniteit. In die periode is hij actief in het verzet tegen de Duitse bezetter. Na de bevrijding wordt hij beroepssecretaris bij ACOD, de algemene centrale van openbare diensten.

In 1947 wordt hij in deze centrale verkozen tot algemeen secretaris en in 1956 tot algemeen voorzitter. In april 1968 volgt hij Louis Major op als secretaris-generaal van het ABVV. De functie kan men vergelijken met de huidige voorzittersfunctie van het federaal ABVV. Georges Debunne stond 38 jaar lang in dienst van de socialistische vakbeweging. Hij drukte op een duurzame wijze zijn stempel op duizenden syndicalisten. Hij was een voorstander van structuurhervormingen in de belangrijkste economische sectoren en van arbeiderscontrole in de ondernemingen.

Ook vandaag nog blijft hij voor velen een voorbeeld en een referentie. Dat bleek trouwens uit het eerbetoon dat oude én jonge vrienden en verschillende generaties militanten en vakbondsleiders uit binnen en buitenland hem op 2 mei gaven naar aanleiding van zijn 90ste verjaardag. Toen werden een aantal uitspraken van Georges in herinnering gebracht die nog steeds brandend actueel zijn:
“De rijken worden rijker, de armen armer”
“Met het ABVV heb ik mijn zeg”
“Het collectief ‘ik’ zijn” (de bevrijding van het individu is het resultaat van collectieve actie).
“ We willen niet alleen praten over de verdeling van de taart, we willen ook praten over hoe die taart gebakken wordt”.

Debunne had een globale en lange termijnvisie op de noodzakelijke veranderingen in België en in Europa en dat in een wereld die hij vredelievend en verdraagzaam wou zien. Hij was een pionier in tal van domeinen. Hij stond vooraan in de strijd voor de emancipatie van de vrouw door hen een plaats te geven in de vakbondsstructuur én door politieke eisen te formuleren.

Al de jaren ’70 formuleerde hij het concept “kwalitatieve” groei en was zo een voorloper van duurzame ontwikkeling. Onder zijn impuls paste het ABVV zich aan aan de toenmalige staatshervorming zodat een tegenmacht op elke beslissingsniveau kon opgesteld worden. Hij smeedde ook hechte banden met de academische wereld en bouwde binnen het ABVV een geduchte studiedienst uit en een syndicaal vormingsinstituut. Debunne stond mee aan de wieg van het Europees Vakverbond.

Permalink Geen Reacties

De grand-écart van…

september 22, 2008 at 2:09 pm (Mijn gedacht)

Vandaag staat op de voorpagina van de krant De Morgen een opiniestuk van Yves Desmet, de politiek hoofdredacteur, waarin hij treffend weergeeft wat er momenteel in ons land gaande is en hoe de CD&V opnieuw vervelt tot de aloude CVP van weleer.

Na 15 maanden aan het bewind in de federale regering regeert opnieuw de arrogantie van de macht, die we nog kennen uit de periode van Jean-Luc Dehaene.
Omdat ik het niet beter en treffender kan verwoorden dan Yves Desmet plaats ik hieronder dan ook zijn tekst zoals die vandaag verschenen is in de krant.

De schaamte ver voorbij (gedachte door Yves Desmet)
De schaamte mijlenver voorbij. Alleen zo kan het optreden van CD&V-voorzitster Marianne Thyssen beschreven worden. Door te weigeren om het even welke consequentie te trekken uit een politieke situatie die nochtans niets anders dan zulke consequenties toelaat, heeft ze haar partij de allure gegeven van een ruggengraatloos, amorf, volledig uit nietszeggendheid samengesteld wezen. Het was haar trouwens ook aan te zien.

Bart De Wever valt immers niets te verwijten. Of je het nu eens bent met hem of niet, gegeven blijft dat zijn partij streeft naar een onafhankelijk Vlaanderen, en dat ze geen mogelijkheid meer ziet om in de huidige politieke omstandigheden dat separatistische doel te verwezenlijken, of zelfs maar een stap daar naartoe te zetten in de vorm van een staatshervorming die naam waardig.

Dat de N-VA bijgevolg beslist om niet langer mee te spelen, is zelfs logisch te noemen. Al hoeft ze daarvoor niet het excuus Didier Reynders in te roepen. Want ook zijn plots als “extreem” betitelde uitlatingen zijn niet meer dan normaal. De uitbreiding van Brussel, een onderhandelde oplossing voor B-H-V en de benoeming van de drie burgemeesters zijn vragen die hij al maanden stelt. Ze zijn dus niets nieuws onder de zon, en bovendien mogen ze gesteld worden, eenmaal je het erover eens bent dat je nieuwe onderhandelingen gaat opstarten vertrekkende van een ‘blanco blad’.

Het is net de definitie van een ‘blanco blad’ dat iedere partij erop mag schrijven wat ze wil. Dat is het recht van de MR, net zoals het het recht is van N-VA om te zeggen dat ze dat ‘blanco blad’ niet ziet zitten. Alleen veronderstelt politiek wel dat je de consequenties neemt van wat je doet.
Voor de N-VA begint daar het probleem. Dat ze haar vertrouwen opzegt in de regering-Leterme is niet meer dan logisch, dat ze blijft vastkleven aan haar postje in de regering-Peeters is dat minder. Want die regering heeft immers beslist dat ze de communautaire dialoog wél wil aangaan. Wil de N-VA dat niet, even goede vrienden. Maar wees dan consequent en trek je terug uit een ploeg die iets gaat doen wat je niet wilt.

Voor de andere coalitiepartners in die Vlaamse regering geldt trouwens net hetzelfde: je kunt niet iemand meeslepen die tegen een unaniem genomen beslissing ingaat. Als Geert Bourgeois de Vlaamse regering niet uit eigen beweging verlaat, dan rest er Open Vld en sp.a niets anders dan zelf de stekker uit die regering te trekken. Ook dat zou niet meer zijn dan de pure consequentie van hun eigen stellingnames.
Ook CD&V zou, toch in een normaal politiek landschap, keuzes moeten maken. Wanneer je eigen minister-president in de Vlaamse regering de communautaire dialoog wil, en je kartelpartner niet, dan zijn er maar drie mogelijkheden: ofwel zeg je het kartel op, ofwel ben je solidair met je kartelpartner en blaas je de dialoog af, ofwel zet je je kartelpartner uit de regering.

Die laatste mogelijkheid zou al getuigen van een onwaarschijnlijke schizofrene spreidstand, maar zelfs die durft CD&V niet te nemen. De partij verkiest, ongehoord en onvoorstelbaar, om niets te beslissen en dus om verder te gaan met een dialoog met een regering waarin de eigen kartelpartner die dialoog niet wil. Het is de schaamte mijlenver voorbij.
Ook op het federale vlak getuigt CD&V van een grenzeloze minachting voor de regels van het parlementaire spel. Daar, zegt Marianne Thyssen, “zal men wel zien wat er gebeurt”. Hoezo? Was het niet CD&V zelf dat zei dat het ondenkbaar was dat er een federale regering zou aantreden die geen meerderheid had aan Vlaamse kant, toen ooit de suggestie werd gelanceerd dat paars zou kunnen doorgaan in een dergelijke formule?

Wel, Yves Leterme heeft geen meerderheid meer aan Vlaamse kant, en kan dus volgens de eigen CD&V-logica niet langer aanblijven. Dat toch doen, is het verbreken van het eigen woord. Niet dat zulks nog een primeur zou zijn. Want evenmin zou de partij immers ooit in een regering stappen zonder een grote staatshervorming, of zonder dat B-H-V gesplitst was. Wat is er eigenlijk nog nodig opdat CD&V voor één keer consequent zou zijn met haar eigen beloften?
Het probleem van deze christendemocratie is dat ze geen boodschap meer heeft. Met uitzondering van de containerbegrippen ‘goed bestuur’ en ‘vijf minuten politieke moed’, die de afgelopen vijftien maanden niet meer gebleken zijn dan holle woorden, is er in de partij voorlopig niemand die iets te vertellen heeft. De enige man met een boodschap, die de facto dan ook is uitgegroeid tot de huisideoloog van het kartel, is Bart De Wever zelf.Het is zijn ideologie, zijn boodschap, die het kartel electorale aantrekkingskracht geeft, en de christendemocratie behoedt voor de afkalving die ze al decennialang ondergaat. Daarom heeft hij de macht om als vijfzetelpartij, als staart van het beestje, toch de hond te doen kwispelen.
Maar zulks duurt maar tot de grenzen van het mogelijke zijn bereikt. Ook al doet CD&V alsof het dat niet beseft, toch is het zo: ofwel kiest de partij voor Bart De Wever, en blaast ze de federale en de Vlaamse regering op, ofwel kiest ze voor haar regeringen en blaast ze het kartel op. Maar de illusie dat je van de twee walletjes kunt blijven eten, is niet langer vol te houden. (bron De Morgen)

 

Permalink Geen Reacties

’s-Gravenhage

augustus 24, 2008 at 2:41 pm (Mijn gedacht)

Vrijdag 15 augustus = Onze Lieve Vrouw Hemelvaart.
Niettegenstaande ik nog een praktiserend katholiek, nog een kerkganger ben is deze feestdag toch steeds een welgekomen verlofdag. Deze viel dit jaar dan nog op een vrijdag wat ideaal is om er een weekendje op uit te trekken. Dit hoef je ons geen twee keer te zeggen en voegden vorig weekend dan ook de daad bij het woord. Omdat we slechts 3 dagen/2 overnachtingen wilden boeken kozen we ervoor om niet al te veel kilometers ver te gaan en viel de keuze  uiteindelijk op Den Haag. Dit ligt  op zo’n kleine 250 kilometer van Menen en dus best af te rijden op enkele uren.

Den Haag is de hoofdstad van de provincie Zuid-Holland waar niet alleen de Nederlandse koningin resideert in palies Noordeinde maar is evenzeer het politiek hart van Nederland. Dat zie je dan ook onmiddellijk wanneer je de binnenstad verkent en het Binnenhof binnenwandelt. Broederlijk naast elkaar vindt je daar de Eerste Kamer der Staten-Generaal (Senaat) en de Tweede Kamer der Staten-Generaal (Kamer van volksvertegenwoordigers). Lang was het hele terrein van het Binnenhof ommuurd waarbij poorten toegang gaven tot het binnenplein. Daar rest er hedentendage niet veel van over. Alleen de beide poorten die toegang geven tot het Binnenhof geeft aan dat dit het oudste deel van de stad is.

We verbleven er in het Mercure-hotel op de Spui. Een pracht van een hotel die net op de rand van het stadscentrum ligt en dus een ideale uitvalsbasis voor de verkenning van de stad. Het was uitzonderlijk goed weer zodat niet alleen de mooie gebouwen en musea in Den Haag meevielen maar evenzeer de trip op vrijdagavond naar Scheveningen. Scheveningen ligt aan de Noordzee op slechts 5 km of 15 minuten met de tram van Den Haag. Het goede weer verleidde ons om te gaan dineren pal op het strand waar we in Roy’s Place een overheerlijke gegrilde tonijnsteak verorberden  die perfect samenging met de fantastische fles Spaanse rode wijn ‘Torres’ waarbij we afsloten met een lekkere Havanna.
How beautiful can life be…

Hoewel Den Haag niet de hoofdstad van Nederland is, vervult het toch min of meer voor een belangrijk deel de rol die meestal aan een hoofdstad voorbehouden is. Bovendien is het de vestigingsplaats van de Hoge Raad, is het de huisvestingsplaats voor de internationale rechtspraak en vredespolitiek en zijn er vele tribunalen en onderzoeksinstituten gevestigd in de stad.
Uiteraard heeft deze stad ook een groot aanbod aan winkels waar iedere grote winkelketen een vestiging heeft waarlangs het gezellig flaneren is. Voor boekenwurmen is Den Haag dan weer, na Amsterdam, het Mekka want je vindt er tal van boekenwinkels. Van de grote winkelketens tot de alternatieve boekhandels. Het verkeersvrije centrum geeft een extra dimensie aan de gezelligheid en maakt het terrasjes doen bij mooi weer extra plezierig.

Deze stad die een combinatie biedt van oudheid, musea, winkel- en strandplezier of gezellig een terrasje doen wil ik zeker aan iedereen die er voor enkele dagen op uit trekt aanbevelen…

Permalink 1 Reactie

Respect

juli 26, 2008 at 9:33 am (Mijn gedacht)

Respect met een grote R. Dat is het enige dat ik kan stamelen. Groots, mega, super… ik kom superlatieven tekort.
Waarom? Omdat mijn ex-collega en vriend Jeroen op 21 juli 2008 Kinshasa binnengereden is. Niks spectaculair denk je. Wel, dat is het wel degelijk want Jeroen vertrok op maandag 8 oktober 2007 met zijn stalen ros in vzw Afristyle te Brussel. Dit is hartje Matongé-wijk te Brussel om na 10 maanden en ongeveer 13,000 km fietsen, langs allerlei landen, allerlei leuke en minder leuke hindernissen, in weer en wind aan te komen in de Matongé-wijk te Kinshasa, Congo.
Daarvoor kan ik, lethargische luiaard, alleen maar respect met een grote R opbrengen.

Dergelijke onderneming is geen sinecure en vergt veel voorbereiding. Tijdens deze voorbereiding waren wij collega’s en heb ik eigenlijk de volle voorbereiding meegemaakt en meebeleefd. Dit is niet zomaar een
reisje naar het zuiden van Frankrijk hé. Nee, hier worden gans andere eisen aan een voorbereiding gesteld.
Eerst en misschien wel het belangrijkste is de keuze van fiets. Deze liet Jeroen op maat maken bij een fietsenmaker in De Pinte. Verschillende malen diende hij dan ook over en ‘t weer van Brussel naar De Pinte om de nodige aanpassingen te doen en uit te proberen. Eenmaal de fiets in orde was het uitstippelen van de route een andere “col” die moest overwonnen worden. Met de auto neemt men de autostrades waar alles mooi bewegwijzerd is.
Niet zo met de fiets. En zeker niet eenmaal je in Afrika gaat rijden. Daar is het vaak improviseren en hopen dat je niet verloren rijdt of de verkeerde route neemt want als dit gebeurt, ja dan moet je helemaal terugrijden. Dit is een extra inspanning die als eenzame fietser extra kilometers betekent, de moral kan doen zakken tot onder het vriespunt en mogelijks een kantelmoent kan zijn om er de brui aan te geven.
Daarnaast is de keuze van materiaal die men meeneemt voor onderweg absoluut geen bijzaak. Je kan niet te veel meenemen want dit betekent extra gewicht die je kan missen als kiespijn. Niettemin moet je genoeg meenemen, verse kledij, een degelijke tent, fietsmateiaal voor pech onderweg enz…
Je bent nu eenmaal een hele tijd onderweg.
U ziet alleen de voorbereiding al was een hele uitdaging en dan moest het “fietstochtje” nog beginnen.

Maar zoals je ondertussen uit de beginregels van deze blog kan uitmaken is het Jeroen gelukt om de Matongé-wijk in Kinshasa te bereiken.
RESPECT!
Ik kreeg deze week dan ook een triomfantelijke e-mail van Jeroen. Alleen geeft hij ridderlijk toe dat mocht hij geweten hebben wat hij nu weet, hij niet zeker is of hij zou vertrokken zijn. Maar ja, het avontuur lonkt steeds om de hoek waardoor ik weet dat binnen enkele maanden, wanneer alle pijn en vermoeidheid verdwenen is en Vlaanderen/België opnieuw te klein en versmachtend zal zijn voor hem, het zeker opnieuw zal beginnen kriebelen om een nieuwe missie te plannen.
Temeer omdat, zoals je in een vorige blog op mijn site kon lezen, Jeroen niet aan zijn proefstuk toe was met deze tocht. Hij fietste al eens de ronde van België langs de abdijen waar trappist gebrouwen wordt en hij trok ook al eens 8 maanden met de fiets doorheen het Midden-Oosten. Deze verhalen waren al fantastisch om te horen maar ik kan niet wachten om de nieuwe verhalen uit Afrika te horen.
Je kon en kan Jeroens wedervaren trouwens volgen op de website www.matongematonge.be waar je gewoon op reisverhalen klikt. Echt de moeite waard om te doen.

Maar deze nieuwe tocht maakte Jeroen deze keer niet tot meerdere eer en glorie van hemzelf. Hij reed deze tocht voor het goede doel. Bedoeling van deze reis is/was geld in te zamelen voor Memisa. Dit is een ngo met een netwerk van gezondheidscentra over heel Congo. Zij willen elk centrum graag voorzien van enkele fietsten en een brommer zodat patiënten makkelijker en sneller bereikt kunnen worden. Uiteraard is hiervoor geld nodig en die hopen ze ondermeer deels te vinden via de hopelijk talrijke sponsors van Jeroen’s fietstocht.

Als vriend, collega, bewonderaar… kon ik deze tocht van Jeroen alleen maar ondersteunen en heb ik dan ook van de eerste minuut zelf een sponsor-engagement aangegaan. Dit kost mij slechts € 67,5*.
Peanuts in onze rijke en welvarende wereld.
Ik zou bij deze, wanneer je deze nieuwe blog van mij leest, nog eens durven oproepen om een kijkje te nemen op de website www.matongematonge.be hoe u zelf een engagement kan aangaan.

* u kan altijd ook een vrije bijdrage (meer of minder dan €67,5) leveren die je uiteraard zelf kiest.

Permalink Geen Reacties

Zomer straattheaterfestival

juli 11, 2008 at 5:24 pm (Mijn gedacht)

Zondag 6 juli was wederom een hoogdag in mijn geliefde thuisstede Menen. Voor de 21e keer was er Zomer, het internationaal straattheaterfestival. Wat als een kleinschalig project begon 21 jaar terug is ondertussen uitgegroeid tot een fantastisch en spectaculair festival. Op deze dag komt het allerbeste van wat er wereldwijd te zien is op het vlak van kunsten op straat, naar Menen waarvan 80% van de voorstellingen
dan ook nog eens premières voor België zijn. Daarom komen er jaarlijks duizenden liefhebbers van het genre naar de grensstreek. Niet alleen uit Menen maar van heinde en ver.
Daarenboven is Zomer sinds jaren een trendsetter en baanbreker in deze discipline en is het festival voor Vlaanderen een trendsetter en uniek in zijn soort.
Niet alleen omwille van zijn groot aantal uitgenodigde gezelschappen (+/- 60) uit alle hoeken van de wereld en zijn enorme hoeveelheid voorstellingen binnen twee festivaldagen, maar vooral vanwege zijn
(ver)nieuwigheden.
Wat het festival tevens heel bijzonder en origineel maakt is dat er op een artistieke manier maximaal gebruik gemaakt wordt van de publieke ruimte waarbij zo Menen op zijn mooist getoond wordt.

Maar terug naar zondag. Inhoudelijk lag dit jaar het accent op acts geïnspireerd door het circusleven. Niet alleen omwille van de pure schoonheid ervan, maar evenzeer omdat de organisatoren in de toekomst willen voldoen aan de voorwaarden van het in de maak zijnde circusdecreet. Dit is één van de voorwaarden om te kunnen blijven genieten van de Vlaamse subsidies en waarschijnlijk de enige manier om het festival te verzekeren van nog een lange en hoopvolle toekomst. Dergelijke organisatie kost uiteraard handenvol geld maar gelukkig bestaan er nog royale weldoeners zoals het stadsbestuur en de minister van Cultuur die dit jaar ieder een extra financiële inspanning deden om het voortbestaan van het festival te vrijwaren.

Niettemin greep het festival terug naar de gekende formule: originele straatkunstenaars hun creativiteit laten ontplooien, geprojecteerd tegenover de  historische bezienswaardigheden van de grensstad.
De Grote Markt met gerenoveerd stadhuis en de Groentenmarkt, beiden het historische decor voor tal van straatspektakels, en het Bois de Boulogne, waar dit jaar de kinderen baas waren, vormden wederom de pleisterplaatsen van het gebeuren. Maar ook in de verbindingsstraten viel je van de ene verrassing
in de andere. Terwijl in het Brouwerspark dan weer de vreemde culturen in de kijker stonden. Ondermeer met Oosterse lekkernijen uit Afrika, India, Iran enz…

Jammer van de regen die in de vooravond kwam opzetten een domper op de vreugde zette want het absolute hoogtepunt diende dan nog te komen. De afsluiter dit jaar was het uit Lyon afkomstige ‘Collectif Korbo’. Zij pakten, ondanks de regen, uit met een feërieke, flamboyante parade die ons meenam naar Bombay.
Fakirs, danseressen, vuurspuwers, steltlopers én een natuurgetrouwe olifant dompelden het stadscentrum onder in een unieke sfeer. Tientallen lichtjes en lampions fleurden het geheel op.
Je zag de verwondering op de gezichten van de toeschouwers erzo afdruipen. En net daarvoor wordt er in het samenstellen van het festival zo veel werk gestoken. De organisatie mag dan ook meer dan verdiend een hele grote pluim op de hoed steken voor zoveel moois.

Op maandag 21 juli is er in deelgemeente Lauwe dan het 2e deel van Zomer. Daar is het festival meer geconcentreerd rond de mobiele straatcultuur en met een excentrieke rariteitenkermis. Levende standbeelden, knedende dames, slakkenmannen, toekomstvoorspellers via regenwormen, het museum van de spokologie, lilliputtersmarionetten, de kleinste cinema ter wereld en vooral de pikante etalages van Cacahuète.

Even traditioneel eindigt deze hoogdag van het straattheater met vuurwerk en kunnen we tevreden naar huis dromend van een volgende editie die  nog vernieuwender, nog spectaculaireder, nog mooier zal zijn.

Permalink Geen Reacties

Fratelli d’Italia

juni 12, 2008 at 2:00 pm (Mijn gedacht)

Maandag 9 juni 2008. Er hangt al de ganse dag spanning in de lucht. De lucht kleurt azuurblauw. De zon schijnt volop. Het kan niet anders of dit zijn gunstige voortekenen voor wat komen gaat.

20u45. Het moment waarop het EK Voetbal voor de echte voetballiefhebber losbarst want vanavond staat de eerste wedstrijd in groep C op het programma. De clash tussen het Oranje van Marco Van Basten en de Squadra Azurri van generatiegenoot en ex-teammaat Roberto Donadoni.
Dè wedstrijd waar veel voetballiefhebbers reeds maanden naar uitkijken. De Oranjegekte op zijn hoogst bij onze noorderburen. Het zuiderse vuur bij de Tifosi.

Maar driewerf helaas. De Squadra wordt bedolven onder de Nederlandse efficiëntie. En door hun matige spel ook wel een beetje zelf de das omgedaan. Alleen denk ik dat wanneer het eerste doelpunt door Ruud Van Nistelrooy, is stééééééds buitenspel, wordt afgekeurd en Gio Vanbronckhorst bij de volgende fase de bal niet van de lijn haalt, we een totaal andere wedstrijd zouden gekregen hebben.
Maar ja, voor op de paal schieten, wanneer de ref niet fluit wanneer hij moet fluiten of naast de bal trappen, worden nog steeds geen punten uitgedeeld.
Oranje, die weliswaar een goede partij speelde, werkte dan weer wel secuur af en won dan ook terecht van Italië. Na 30 jaar mochten ze overigens wel eens winnen…

Al van kindsbeen af, sinds de wereldbeker van 1978 in Argentinië, ben ik supporter van het Italiaans elftal. Omdat Italianen de meeste gracieuze spelers heeft. Omdat hun kledij steeds de juiste snit heeft, alleen al de maatpakken zijn gemaakt door modehuis D&G, omdat zij er steeds stijlvol uitzien en klasse uitstralen. Bovendien spelen zij ook nog eens heerlijk voetbal. Maandagavond 9 juni niet te na gesproken… maar een veldslag verloren is nog niet de oorlog verloren. Het is nog maar de eerste wedstrijd van het EK. Er kan nog van alles gebeuren. Tenzij de Squadra ook hun wedstrijd op vrijdag de 13de tegen Roemenië in het stof bijten. Dan is het over. Alleen denk ik, ik ben er eigenlijk wel vrij zeker van, dat hun zuiderse trots en eergevoel zal boven komen en zij er alles aan gaan doen om de volgende wedstrijden te winnen. Althans dat hoop ik toch…

Permalink Geen Reacties

Y&T

mei 15, 2008 at 6:43 pm (Mijn gedacht)

Woensdag 7 mei. On the road to Harelbeke. Of all places.
Niet alleen, maar met zijn achten. Vrienden onder elkaar. Muziekliefhebbers vooral. Reden? Een show van de Californische hardrockband Y&T (www.meniketti.com).

Eerst waren we nogal verrast dat dergelijke grote naam in dat genre naar CC ‘t Spoor in Harelbeke kwam. Maar effectief. Het waren geen lookalikes maar Dave Meniketti himself met de originele bezetting.
Y&T is opgericht in de jaren ‘70 onder de naam Yesterday and Today (naar het gelijknamige album van The Beatles).
Na 2 albums wordt in 1981 de naam afgekort tot Y&T en brengen zij het album Earthshaker uit. Daarop staat de klassieker “I Believe In You” die zomaar effentjes een dikke 10 minuten duurt uit.
Dit album wordt uitstekend ontvangen door het hardrockpubliek en de Californiërs groeien uit tot een topband in het genre.
Zij spelen ondermeer in het voorprogramma van grootheden als Ozzy Osbourne, AC/DC en Mötley Crue.
De opvolger Black Tiger is hun grote Europese doorbraak en zij spelen in 1982 Pinkpop plat met hun goed in het oor liggende muziek.
In de albums erna verandert Y&T eningzins de koers naar meer commerciële rock. Ondersteund door de bijbehorende videoclips wordt Y&T in Amerika een grote band en verkoopt meer dan 4 miljoen albums.
In Europa slaat de nieuwe koers minder aan en wordt de naam langzaam vergeten. Tot de band verrassend terug komt en Nederland aan doet op het Arrow Rock Festival in 2003 en het jaar erna terug mag komen.
In 2006 staan ze als subtopper op Graspop in ons eigenste België en verrassen vele aanwezigen.
De band heeft het de jaren ervoor dan wat rustiger aangedaan waarbij gitarist/zanger Dave Meniketti 2 solo albums maakt die in sommige opzichten aan de tijden van weleer doen denken.

Maar nu zijn ze dus terug in “full force”. Zoals vorige woensdag dus in CC ‘t Spoor te Harelbeke. En als ik zeg in “full force” meen ik in “full force”. Direkt ‘right in the face’ met openingsnummer “Hurricane”. Een goed op elkaar ingespeelde band waarvan de bandleden zichtbaar plezier beleven op het podium.
De aanwezigen, ik incluis, gaan onmiddellijk uit hun dak. En dit blijft zomaar even 2 en een half uur duren om af te sluiten met het lang uitgesponnen maar o zo lekkere “I believe in you” als toegift.

Voldaan en nog met het kippevel op de armen keren wij rond middernacht gepasseerd huiswaarts.
Blij dat we erbij waren en hopend op een nieuw magisch moment in Harelbeke.
Maar eerst en vooral volgende maand naar Arrow Rock Festival (www.arrowrockfestival.nl) en Graspop (www.graspop.be)…

Permalink Geen Reacties

Koopkracht

april 23, 2008 at 11:08 am (Mijn gedacht)

Koopkrachtproblemen niet langer beperkt tot laagste inkomens. Dit staat vandaag in de krant.
Een week voor het 1 meifeest en anderhalve week voor de start van de sociale verkiezingen pakt de socialistische vakbond ABVV uit met een nieuwe studie over de koopkracht. Hieruit blijkt duidelijk dat één op de vijf werknemers niet meer rondkomt met zijn maandloon. En dit in één van de meest welvarendste regio’s van het hele universum.
De studie geeft aan dat de categorie van de “working-poor-people” steeds groter en groter wordt. Het gaat om mensen die geen eigen woning kunnen kopen, niet op reis kunnen gaan en hun vrijetijdsuitgaven niet kunnen betalen. Verhalen over klanten bij Carrefour die aan de kassa producten uit hun mandje moeten halen omdat ze met 20 of 30 euro niet toekomen en over de toegenomen diefstal van levensnoodzakelijke producten in de supermarkten zijn legio en een teken aan de wand.

Iedereen kan nu wel een aantal redenen aanhalen als oorzaken. Maar zou het ook niet kunnen dat we met zijn allen een beetje boven onze stand leven? Of is het de schuld van de euro waardoor we de juiste waarde van het geld niet meer kennen? Ik zou durven zeggen dat het een combinatie van verschillende factoren is.
Inderdaad het leven is duurder geworden. Dat kan men niet ontkennen. Maar evenzeer willen wij met zijn allen steeds meer. Vergelijk maar eens met vroeger toen we klein waren. Samen met mijn ouders en mijn zus gingen wij één maal per jaar 2 a 3 weken op autovakantie naar Frankrijk. Geen weekendtrips tussendoor of zonvakanties tijdens de andere schoolvakanties. En niettegenstaande wij met z’n vieren waren hadden we slechts één douche en één toilet. Wat zien we vandaag de dag? Iedere schoolvakantie, is het nu met Kerst of met Pasen, is er een overrompeling op de nationale luchthaven. Kasten van huizen met 2 badkamers, verschillen toiletten en liefst 2 garages, want ja we hebben per gezinslid uiteraard een auto, rijzen als paddenstoelen uit de grond. Iedereen heeft een gsm, iedereen een computer en tv en hifi op de kamer. Zelfs wanneer men nog maar vooraan in de tienerjaren is!

Ik weet het, het moet/kan niet meer als vroeger zijn maar moeten we soms niet de hand in eigen boezem durven steken en eens bij onszelf te rade gaan of we niet teveel willen?
Dit moet uitaard allemaal betaald worden en ja dan lukt het op het einde van de maand niet altijd even vlot.
Maar dit is niet de enige reden.

Om de woorden van Achille Van Acker te gebruiken “ook een arbeider mag/moet een biefstuk kunnen eten”. En dit kan niet alleen door te leven zoals vroeger. Daarvoor dient het loon evenredig te stijgen met de levensduurte. Hiervoor is de index een goed systeem. Alleen steken de producten die het hardst stijgen zoals de dure olie of tabak niet in de indexkorf. Computers en plasma-schermen daarentegen dan weer wel. Alsof je niet kan leven zonder thuis-pc of plamsa-tv!

Ik ontken zeker niet dat er problemen zijn. Integendeel, ook ik ben een gewone werkmens waarvoor het niet altijd evident is om de eindjes aan elkaar te knopen en er in je winkelkar steeds minder ligt voor hetzelfde bedrag. Maar we moeten ook eerlijk zijn dat we soms wel eens wat teveel willen. Niettemin is het hoogtijd dat de doorgeslagen slinger terugkeert en wij met zijn allen, werknemers en werkgevers, wettenmakers, opiniemakers enz… opnieuw tot rede komen en beseffen dat er nog steeds een limit is aan the sky.

 

 

Permalink Geen Reacties

De trein altijd een beetje…

april 5, 2008 at 10:36 am (Mijn gedacht)

Nieuwe werkuurregeling NMBS-personeel treft vooral rolstoelpatiënten.
Hoezo? Wel hierom.
Rolstoelpatiënten die met de trein reizen kunnen in de stations gebruik maken van de brug met het hellend vlak om met de rolstoel in en uit de trein te rijden. Voorwaarde is wel dat dit minstens 24u op voorhand gemeld en gereserveerd wordt bij het plaatselijk station zodat zowel personeel als station op de hoogte is.
Echter geldt er vanaf 1 januari 2008 bij de NMBS een nieuwe werkuurregeling voor het personeel waar weinig ruchtbaarheid aan gegeven is maar voor de rolstoelpatiënt een enorme impact heeft. Zeker voor mensen als Jelle Van de Wiele uit Menen die als student de trein naar Kortrijk moet nemen.

De reden voor de problemen is het gevolg van een besparingsmaatregel en komt hier op neer. Vóór de aanvang van de nieuwe regeling werd er ondermeer om de rolstoelgebruikers te helpen bij het in- en uitrijden van de trein, in 2 schiften gewerkt. Een vroege en een late dienst. In het weekend was dit beperkt tot een dagschift van 8u tot 13u.
Vanaf 1 januari 2008 besliste de directie van Infrabel, zoals in het geval van het station te Menen, het aantal prestaties te beperken tot dagelijks één. Dit betekent dat je als rolstoelpatiënt, wanneer je gebruik van het hellend vlak wenst te maken, nog slechts tussen 8u en 16u kan reizen met de trein, zowel tijdens de week als tijdens het weekend.

Op schooldagen dient Jelle om 7u te vertrekken met de trein in het station te Menen. Pas om 19u is hij terug maar door de nieuwe regeling is het voor Jelle als student gewoonweg niet meer mogelijk om op tijd op school geraken.
Veel alternatieven dan stoppen met studeren zijn er niet voor Jelle. Een busrit Menen – Kortrijk, met overstappen en met een bus die niet onmiddellijk rolstoeltoegankelijk is, duurt al vlug 45 minuten. Zelf rijden met de wagen lukt niet en als andersvalide student is op kot gaan uitgesloten.

Bij navraag bij de NMBS wordt je van het kastje naar de muur gestuurd. Bovendien blijkt de informatie in de “Gids voor de reiziger met beperkte mobiliteit” en deze op het Internet (station Menen) niet correct te zijn.
Dit wordt zelfs bevestigd door de Adjunct-eerste inspecteur Regiomanager van de NMBS - Directie Reizigers Nationaal  - Regio Kortrijk. Zelfs na het doorgeven van de juiste informatie begin januari door de regiomanager is de info in de gids of op het internet nog steeds niet aangepast.

Wraakroepend is zoiets. Want iedereen heeft de mond vol van gelijke kansen, meer en betere toegankelijkheid enz… Maar nog steeds worden er beslissingen genomen die net het tegenovergestelde effect creëren. Dan nog door een overheidsbedrijf die een voorbeeldfunctie heeft.
Daarenboven is het beschamend te moeten vaststellen dat besparingenmaatregelen net die minder mobiele mensen treffen. Net hen die het al moeilijker hebben in de samenleving maar de moed hebben om inspanningen te leveren om zich verder te ontwikkelen. Zij worden wederom in de hoek gezet waarbij de kansen om verder te studeren of eventueel een goeie job te hebben later sterk worden gereduceerd.

Dit gaat niet over Jelle alleen. Deze maatregel treft over het ganse land verschillende mensen die in een gelijkaardige situatie verkeren. Als mindervalide mis je al veel in het leven. Bovendien worden wij dan ook nog het eerste slachtoffer van een besparingsregel.
Dit is een noodkreet aan het adres van de NMBS van alle rolstoelgebruikers die een zo normaal mogelijk leven willen leiden. Het kan toch niet zó moeilijk zijn om een zó ingrijpende beslissing terug te draaien. Het terugschroeven van de maatregel geeft de minder mobiele medemens wederom uitzicht op een betere toekomst. Laat het hem/haar toe, net als u en ik, zich beter en verder ontwikkelen waardoor uitzicht op een goede en leuke job tot de mogelijkheden blijft behoren.

Deze asociale maatregel katapulteert de NMBS terug in de tijd en moet teruggeschroefd worden zodat ook minder-mobiele mensen, net als iedereen, kunnen reizen waarheen en wanneer zij willen. De NMBS is nog steeds een federale overheidsinstelling waar, ex-vakbond secretaris Inge Vervotte als minister voor Overheidsbedrijven, voor bevoegd is.
Hopelijk begint het sociale hart van deze ex-vakbondsmilitante en ex-minister van Welzijn, harder te kloppen wanneer zij van deze maatregel hoort. Er wordt van haar dan ook niets anders verwacht dan dat zij, net zoals zij gevochten heeft voor het personeel van het toenmalige SABENA, haar verantwoordelijkheid neemt in deze.

 

Permalink Geen Reacties

« Vorige ingaves