Gemeenteraadszitting onbelangrijk voor lokale CD&V

oktober 23, 2008 at 3:52 pm (Mijn gedacht)

De gemeenteraadszitting van oktober wordt tot latere datum uitgesteld. Dit is het gevolg van het niet willen vergaderen met het schepencollege van de 3 vrouwelijke CD&V-schepenen.  Als gemeenteraadslid ben ik niet alleen verontwaardigd over het buiten spel zetten van de gemeenteraad door de lokale CD&V-schepenen maar evenzeer ontstemd, want er wordt mij daardoor mijn democratische controle ontzegd.
Waarover gaat het?
VZW Ter Walle uit Menen heeft vele jaren terug een aanvraag ingediend bij het stadsbestuur om hun rusthuis uit te breiden met 32 servicflats. Hiervan worden er door de stad 22 van toegestaan.
10 worden geweigerd omdat deze pal op de rand van het Brouwerspark zouden gebouwd worden. Op openbaar domein dus. 
Na een hoorzitting bij de bestendige deputatie hebben die een vergunning voor de bouw van de serviceflats afgeleverd. Echter is er nadien nog aan het plan gesleuteld waardoor de bestendige deputatie in feite om de tuin is geleid.  De stadsadministratie Ruimtelijke Ordening adviseert het schepencollege tegen deze vergunning beroep aan te tekenen. Dit advies is ondertekend door huidig CD&V-schepen van Ruimtelijke Ordening Lut Ghesquiere.

Dit punt stond op de agenda van het schepencollege enkele weken terug. Op vraag van de CD&V-schepen werd dit punt toen en om redenen die zij alleen kennen, uitgesteld en zodoende niet behandeld. De week nadien, op 6 oktober, stond dit beroep opnieuw als laatste punt op de agenda van het schepencollege maar verlieten de CD&V-schepenen tijdens de behandeling en stemming van dit punt de zaal. Alhoewel gestemd kon men dan ook niet anders om met dit punt verder te gaan op de vergadering van het schepencollege van 13 oktober en werd dit al eerste punt geagendeerd op deze vergadering van het schepencollege.

En hier komt het. In de week vóór 13 oktober is sp.a – schepen Marc Paelinck voor een 3-weekse reis vertrokken naar Vietnam en kon hij dus niet aanwezig zijn op het schepencollege van maandag 13 oktober. Die bewuste maandag, om 5 voor 12 (schepencollege begint om 12u), belt eerste schepen Martine Fournier naar burgemeester Bossuyt met de melding dat zij (= de 3 CD&V-schepenen) niet komen naar de vergadering. Reden is dat er zo geen meerderheid is in het college. Reden is dat de mogelijkheid om beroep aan te tekenen tegen de bouw van de 10 serviceflats op openbaar domein verloopt op zondag 19 oktober en wanneer zij niet opdagen voor de vergadering het schepencollege niet in aantal is om geldig te beslissen en deze datum tegen de volgende vergadering van het schepencollege dus verstreken is.  Dit is een staaltje van het zo geroemde “goed bestuur”. Ik zou eerder durven zeggen dat ze ons “goed liggen hebben”.

Op woensdag 8 oktober dan weer was er een hoorzitting van het actiecomité “de Alerte Koekuit” die strijdt tegen de inplanting van een industriezone op Menen-West en voor het behoud van de groene ruimte aldaar. In de gemeenteraad van september kwam dit punt ook aan bod en zorgde dit voor stevige discussie. Zelfs de rol van huidig premier Leterme kwam ter sprake en bleek nogal schimmig te zijn in dit dossier.  De discussie op de GR omtrent deze inplanting en de reacties op de hoorzitting van het actiecomité, waar mandatarissen van de CD&V deel uitmaken van het bestuur, geeft aan dat de lokale CD&V-afdeling niet gewonnen is voor deze inplanting en de groenzone in dat gebied wil bewaren.

Inzake de mogelijke inplanting van privé-serviceflats ziet de lokale CD&V, in tegenstelling tot hun houding tav Menen-West,  in dit dossier geen graten om een deel van een park op te geven. Ze blijven er zelfs voor weg op het schepencollege terwijl er 22 van de 32 flats kunnen gebouwd worden.
Enerzijds wordt er in het geval van Menen-West dus gestreden voor het behoud van groen. Een andere keer wordt er dan zomaar een stuk groene stadslong opgegeven voor beton en even later opnieuw gepleit voor het herstel van veldwegels. Een nogal ambigue houding. Niet?

De mogelijke inname van een deel van het Brouwerspark door een uitbreiding van een privé-rusthuis heeft niet alleen visuele gevolgen maar evenzeer culturele omdat de evenementen (Grensrock, Zomer,…) die nu gebruik maken van de Brouwerspark-site slachtoffer zullen zijn van deze uitbreiding want door het verdwijnen van een deel van het park zal het logistiek onmogelijk zijn dit nog goed te organiseren.
Daarenboven zouden de serviceflats ook dicht bij het jeugdcentrum Petrol komen te liggen. Wil men dan dat onze jongeren op geen enkele plaats nog een fuif kunnen geven zonder last te veroorzaken? Dit  is om problemen vragen indien men voor deze inplanting kiest en we dachten dat na de “affaire” Hoeve Delaere men twee keer zou nadenken. Quod non!

Maar nog meer heeft het moedwillig wegblijven op het schepencollege andere serieuzere gevolgen. Te beginnen met het uitstel van de gemeenteraad van oktober. Als gemeenteraadslid maak ik hieruit op dat de gemeenteraad niet belangrijk is voor de CD&V-schepenen. In navolging van hun federale premier die enkele jaren terug het Vlaams Parlement, en onlangs ook 2 dagen het federale parlement sloot, wordt hier op lokaal vlak dezelfde tactiek toegepast. Om hun gelijk te halen wordt ervoor gezorgd dat de gemeenteraad zijn controlerende functie niet kan uitoefenen en gemakshalve even buiten spel gezet.

Het kortetermijndenken regeert want hun “politieke” zet, lees hun niet-verschijning op het schepencollege, blokkeert niet alleen de werking van de gemeenteraad maar blokkeert ook vele andere dossiers die eraan komen en die om een vlugge aanpak en oplossing vragen. Sommige mensen dreigen nog maanden langer te moeten wachten op een (bouw)vergunning, subsidies kunnen niet worden uitgekeerd, begrotingswijzinging kan niet voorkomen enz…
Blijkbaar deert dit de CD&V niet en wordt er liever hoog spel gespeeld?

Ik hoop dat de CD&V-schepenen zich dat realiseren en in de toekomst twee maal gaan nadenken over het wegblijven op een schepencollege omwille van partijpolitieke meningsverschillen en zij vanaf nu met de toekomst van de stad begaan zullen zijn ipv hun eigen zuil/achterban te plezieren.

Permalink Laat een reactie achter

De Dexia – ACW connectie

oktober 8, 2008 at 2:35 pm (Mijn gedacht)

Vandaag schetst Walter Pauli in de krant De Morgen in een opiniestuk treffend de verwevendheid van de christelijke zuil met Dexia en waarom Yves Leterme plots met J-L Dehaene op de proppen gekomen is als voorzitter van de RvB bij Dexia. 
Lees en huiver… (of iets anders)

Als Dexia zinkt, gaat het ACW mee ten onder
Het is stilaan duidelijk dat er voor de reddingsoperatie van Dexia heel wat meer middelen worden ingezet dan voor die van Fortis. Twee banken, maar zo’n verschillende behandeling. Fortis was de grootste groep, Dexia krijgt de meeste steun en alle hulp. Na de ‘koop’ van Fortis, volgde binnen de week de verkoop: Fortis Nederland aan Wouter Bos, de romp van Fortis aan het Franse BNP Paribas. De Fortisholding is een kale schelp met alleen verzekeringen en een hoop ’slechte papieren’. En het geld dat de hele operatie opbracht, diende voor het project dat voor de regeringen van Yves Leterme en Kris Peeters echt primeert: Dexia drijvende houden.

Dat Dexia meer politieke aandacht vergt, is logisch. Dexia is de bank van de gemeenten. Zo wettigden The Financial Times en andere zakenkranten vorige week ook de buitengewone aandacht die ze schonken aan de reddingsoperatie van Dexia: “De grootste Europese kredietverstrekker aan lokale besturen.” Maar er is nog een ander argument, dat zeker voor de christendemocraten meespeelt. Een van de zogenaamde referentieaandeelhouders in Dexia is Arcofin. Zeg maar: het ACW. De christelijke zuil.

Om bestwil
Toen hij vorige week op missie was in Japan, beargumenteerde Kris Peeters de aanzienlijke Vlaamse inbreng in het Dexiakapitaal woordelijk als volgt: “Vlaamse spaarders mogen niet de dupe worden van de financiële crisis.” Dat was verwonderlijk, want een dag eerder had de Vlaamse regering geen intentie getoond om bij te springen bij Fortis, en die bank groepeert veel Vlaamse spaarders en aandeelhouders. Maar Dexia is dus anders. Bijzonderder, nabijer. Meer van ons. Christendemocratischer.

De totale Arcogroep beschikt over een eigen vermogen van ongeveer 4,5 miljard euro (cijfer 2005). Een deel ervan is verankerd in Dexia. Met een dikke 17 procent van het kapitaal in Dexia is Groep Arco een zogenaamde referentieaandeelhouder. Grof gerekend: tot voor de beursklap was Dexia ongeveer 20 miljard euro waard. 17 procent daarvan betekende al snel 3,4 miljard euro.

Als Dexia kapseist, zinkt Arco dus mee. En bijgevolg het ACW. Dan verzuipt de christelijke zuil. Het is het pijnlijke eindpunt van een ontwikkeling die de ACW-top altijd heeft verkocht aan zijn eigen basis als ‘om bestwil’. Want vanaf de jaren negentig is het ACW in snel tempo ‘verzakelijkt’. Er werden nogal wat organisaties afgestoten, of beter: verkocht.

Hoezeer de christelijke arbeidersbeweging zich het voorbije decennium met handen en voeten heeft laten knevelen aan het bancaire systeem, werd in 2005 nog loepzuiver uit de doeken gedaan in het helaas ondergewaardeerde boek De uitverkoop van het ACW. Een verhaal van geld en idealen. De auteur is Didier Verbruggen, vandaag directeur van IPIS en een bekende naam in de ngo-wereld. Hij bracht (en brengt) ook de exploitatie van de grondstoffen in Katanga in kaart, nadat hij zich had gespecialiseerd in de financiering van de christelijke zuil. Hij trof er quasi-Congolese toestanden aan.

Dat strookt natuurlijk niet met het beeld dat de ACW-top zo graag van zichzelf ophangt. Het ACW is professioneel, houdt het perfecte evenwicht tussen een gezonde zin voor correcte cijfers en een christelijk-sociaal ideaal. Dat horen ze in Areopolis, zo heet het ACW-hoofdkwartier in Schaarbeek, zo graag over zichzelf zeggen.

Koekoeksjong
Verbruggens boek, een doorwrochte studie eigenlijk, heeft dat beeld doorgeprikt. Drie jaar voor de actuele kredietcrisis losbarstte, wees hij er al op dat de sociale beweging zich had laten uitverkopen aan gehaaide zakenlui. Die aasden natuurlijk niet op de vakbond, de ziekenkas of de gehandicaptenclub. Wel op de takken van de beweging waarmee schoon geld te verdienen viel, al was het maar omdat het ACW-publiek voor een zeker marktaandeel stond. Reisbureau Ultra Montes, bijvoorbeeld, gespecialiseerd in sociale reizen. Ultra Montes werd via een paar tussenstationnetjes verpatst aan de Duitse gigant TUI.

Bekender is het lot van Het Volk, de armlastige vakbondskrant die opging in VUM/Corelio om vervolgens gewoon opgedoekt te worden. Werd de christelijke arbeidersbeweging inhoudelijk sterker door die uitverkoop? Zorgde zij voor een betere dienstverlening voor haar leden? In het geheel niet: Het Volk en Ultra Montes verdwenen en er kwam niets voor in de plaats, behalve geld. De reden ervoor was dat ’sociale dienstverlening’ of ‘maatschappelijke impact’ niet in balansen terug te vinden zijn, cashopbrengsten van een verkoop wel. Dat is de logica van de bankiers. Het leidde tot de koekoeksjongpositie van Groep Arco, de zakelijke poot van de beweging, en dochters als Arcofin en Arcopar.

Via allerlei tussenstapjes werden de BAC, later Bacob, en de Volksverzekering eerst ondergebracht bij Artesia. Vervolgens werd de hele zwik ondergebracht bij Dexia. Vandaar ook dat zoveel ACW-topmannen in de beheerraden zetelen van ofwel Dexiabank ofwel Dexiaholding. Men kwam en komt er ACW-voorzitter Jan Renders tegen, zijn voorganger Theo Rombouts, CM-voorzitter Marc Justaert, ex-ACV’er en kortstondig minister Josly Piette, ex-MOC-bons François Martou, naast toplui van Arco zoals Francine Swiggers en Rik Branson. Dat is geen toeval, maar bittere noodzaak: het ACW parkeerde zijn geld bij Dexia.

Vertrouwen herstellen
En het noteren waard: Artesia was al een huwelijk tussen een aantal ACW-dochters en Paribas. Juist: dezelfde bank die van Leterme zowel Fortis België mocht opkopen als met Mariani ook de nieuwe CEO van Dexia mag leveren.

Ook dat is geen toeval. Paribas was en is een financiële instelling waarvan de leidende figuren doorgaans een christendemocratische stamboom hebben. De geschiedenis van Paribas in België kan niet geschreven worden zonder in te zoomen op een paar figuren die altijd een brugfunctie vervuld hebben tussen de bank en de christelijke zuil.

Neem Fernand Nédée: oud-kabinetschef van Théo Lefèvre en Gaston Eyskens, voorzitter van Ibel (de holding van André Leysen), voorzitter van de UFSIA/UIA, een van de stichters van de VUM en in de jaren zeventig vooral de sterke man van Paribas en Copeba, de holding boven Paribas. Of later Maurits Wollecamp, de man die tot in de jaren negentig van Paribas een uitzonderlijk gezonde bank maakte en tegelijk zetelde in de bestuursorganen van de KU Leuven/KULAK. Het was dus niet ongewoon dat in de late jaren negentig Bacob, via Paribas, voor schoon geld opging in Dexia.

Met andere woorden: als Jean-Luc Dehaene nu ineens topman wordt van Dexia, dan is dat natuurlijk niet om het ACW te plezieren. Dehaene dient om het vertrouwen tout court te herstellen. Maar het ACW zal wel geplezierd zijn met een ‘zoon van het huis’ in die vertrouwenspositie.
Want de inzet is hoog. Als Dexia iets noodlottigs overkomt, dan is de seismografische schok die Vlaanderen treft zelfs op geen richterschaal te meten. Dan davert niet alleen de bankwereld, maar het hele landelijke middenveld. Dan komt het water het ACW tot aan de lippen, en dus ook het ACV, de CM, KAV, KWB, KBG, KAJ en Familiehulp. Er zijn er in de christelijke zuil die bidden dat Dexia niets fataals overkomt.

Als Dexia iets noodlottigs overkomt, dan davert niet alleen de bankwereld, maar het hele landelijke middenveld. (bron De Morgen)

Permalink Laat een reactie achter